Samen en toch apart: verbondenheid en eigenheid in een relatie

Samen en toch apart: verbondenheid en eigenheid in een relatie

Blog geschreven voor Sennet magazine:

Samen en toch apart: verbondenheid en eigenheid in een relatie

De behoefte aan emotionele verbondenheid is een fundamentele menselijke behoefte. Baby’s gaan zich van nature hechten aan hun ouders, niet alleen om fysiek te kunnen overleven maar ook vanuit een behoefte aan aanraking en emotionele veiligheid. Niet alleen baby’s hebben die behoefte, ook volwassenen zoeken emotionele intimiteit, veiligheid en zekerheid door zich aan anderen te hechten. Waar in de jeugd doorgaans de ouders de belangrijkste hechtingsfiguren zijn, neemt de partner deze rol over op volwassen leeftijd.

Emotionele samenhorigheid in een relatie

Een gevoel van emotionele samenhorigheid slaat op het gevoel van verbondenheid dat je deelt met je partner. Het is één van de belangrijkste pijlers van een succesvolle relatie. Emotionele verbondenheid creëert een ‘wij-gevoel’, een gevoel van samen in het leven te staan en de bereidheid om te investeren in je relatie en je partner.

Emotionele verbondenheid veronderstelt dat je je kan hechten aan je partner. De hechtingsstijl die je als kind ontwikkelde bepaalt mede hoe je je hecht aan een partner. In vorige artikels over bindingsangst en verlatingsangst bespraken we uitgebreid hoe een onveilige hechting je relationele hechtingspatronen beïnvloed en hoe dit ook voor moeilijkheden kan zorgen in een relatie. Open communicatie over je behoeften en angsten, inzicht krijgen in die patronen, zijn helpend om als partner hiervoor begrip op te brengen en om er als koppel (anders) mee te leren omgaan.

De meeste mensen gaan door de liefde veranderen. Ze gaan positiever over zichzelf denken en ontdekken nieuwe kanten van zichzelf. Liefde tilt je op en doet je groeien als persoon. Doordat je bijzonder bent voor je geliefde, net die persoon die je zelf zo geweldig vindt, je complimenten krijgt en gewaardeerd wordt door hem/haar, krijgt je zelfbeeld een oppepper. Hierdoor ga je je zelfzekerder en competenter voelen, durf je meer jezelf zijn, je tonen en je ontwikkelen. Heb je een partner die je naar beneden heelt, dan gebeurt het tegenovergestelde: je zelfbeeld wordt negatiever.

Je emotioneel hechten betekent dat je accepteert dat je afhankelijk bent van een ander. Accepteren dat je ook kwetsbaar kan zijn, je soms hulp nodig hebt, en op iemand durven leunen, maakt je paradoxaal genoeg juist onafhankelijker. De kracht die je ontleent aan de steun van je partner zorgt ervoor dat je de rest van de tijd autonomer, zelfverzekerder en krachtiger bent (Dijkstra en Barelds, 2007).

Hoe sterker je verbonden bent met je partner, hoe meer je de ander ook opneemt in je zelfbeeld. Je bent niet langer een individu, maar ook ‘de partner van’. In plaats van alleen ‘ik’, word je ook een ‘wij’. Er ontstaat dus een soort van samensmeltingsproces.

Ook het gebruik van wij-taal draagt bij tot die verbondenheid: wij gaan op vakantie, wij hebben beslist een nieuwe auto te kopen, ons huis, onze kinderen, … Koppels die vaak het woord ‘wij’ gebruiken om iets uit te leggen zijn volgens onderzoek stabieler dan koppels die dit minder doen.

Hoe kan je emotionele samenhorigheid versterken ?

Wederzijdse liefde vraagt om uitdrukking. Liefde tonen doe je door niet alleen maar te denken ‘ik hou van jou’, maar door dit ook te zeggen, door te knuffelen, door te vrijen, door iets te doen voor je partner, door te luisteren, aandacht te geven, …

Ook samen dingen beleven, ervaringen delen draagt bij tot een sterk wij-gevoel. Geregeld met elkaar praten over deze ervaringen, over wat je bezighoudt, over wat je denkt en voelt maakt dat je elkaar deelgenoot maakt van je innerlijke leven en dit versterkt de emotionele band.

Wanneer er geen emotionele samenhorigheid (meer) is, kan dit een reden zijn om elkaar te gaan. ‘We zijn uit elkaar gegroeid’ hoor je dan vaak zeggen. Relatietherapie kan dan aangewezen zijn om (opnieuw) meer verbinding te creëren.

Een positieve eigen identiteit

Voor een succesvolle relatie is het niet alleen belangrijk dat partners een sterk emotioneel team vormen, maar ook dat ze een eigen positieve identiteit hebben. Teveel samensmelting zou betekenen dat je elkaar verstikt en dit kan op termijn nefast zijn voor de relatie. Dus ook autonomie en zelfstandigheid van elke partner zijn een noodzakelijke voorwaarde voor een liefdevolle relatie.

Lieven Migerode (2015) beschrijft dit heel mooi vanuit de zin ‘ik hou van jou: “Wat het eerste opvalt in de zin ‘ik hou van jou’ zijn de volgende drie elementen: ‘ik’, ‘jij’ en ‘houden van’. Deze drie termen verwijzen naar een noodzakelijk kenmerk van de liefde: liefde heeft tegelijkertijd behoefte aan afzonderlijke personen, aan autonomie en zelfstandigheid van individuen dus, en aan het overstijgen van individualiteit binnen een band. In de verbinding tussen ik en jij, in het ‘houden van’ wordt de kloof tussen ons overbrugd”.

Jezelf kunnen zijn en je eigenheid bewaren betekent ook dat je je partner niet wil veranderen maar dat deze net ook zichzelf mag zijn in zijn anders zijn. Het betekent ook kunnen verdragen dat je de ander nooit volledig kan kennen. Ieder beleeft, denkt en voelt zaken aan op een eigen manier en bovendien veranderen we als mens voortdurend. We gedragen ons in verschillende contexten anders en kunnen bijvoorbeeld bepaalde aspecten van onszelf bij andere mensen meer tot uiting komen dan bij de partner.

We blijven als partners ook maar boeiend voor elkaar als er een deel van onszelf onbekend blijft. Dat zorgt net voor aantrekking en passie in het koppel. Dit betekent niet dat je geheimen voor elkaar moet hebben, maar wel dat je een ruimte mag hebben waarin je stil staat bij gedachten, gevoelens en ervaringen die je (nog) niet deelt met je partner. We hoeven dus niet alles te tonen, dat zou trouwens dodelijk zijn voor de relatie. Ook eigen activiteiten en contacten maken dat je iets te vertellen hebt tegen je partner.

Doorheen de relatie is er altijd een zekere spanning aanwezig tussen verbondenheid en autonomie. Het is dus een continu balanceren en het zoeken van het juiste midden tussen deze 2 polen. Het evenwicht ligt nooit vast. Soms is onze relatie een beetje meer ‘ik en jij’ en dan weer meer ‘wij’. De spanning in de zoektocht naar het juiste midden zit niet tussen de partners , de spanning zit in het ‘houden van’. Om verbonden te kunnen zijn moeten we apart zijn. En om echt apart te kunnen zijn, moeten we ons verbonden weten (Migerode, 2015). En zo blijft een relatie steeds boeiend 😉 !

Ilse Reynders

Related posts

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *