Samenwonen of een latrelatie ?

Samenwonen of een latrelatie ?

blog geschreven voor Sennetmagazine

Na een poosje een nieuwe relatie te hebben dringt de vraag zich op:  Gaan we samenwonen of kiezen we voor een LAT-relatie ?
Of, wanneer en waar je gaat samenwonen is een vraag die ongetwijfeld heel wat gespreksstof oplevert en die meestal niet op één, twee, drie beantwoord is. Zeker bij vijftigplussers spelen er heel wat factoren mee die maken dat men best niet over één nacht ijs gaat. 

Huisje, tuintje boompje ?

De meeste koppels starten met een LAT-relatie maar naarmate de relatie vordert komt er vaak het verlangen om meer samen te zijn. De wensen en verwachtingen van partners kunnen hierin erg verschillen. Een open gesprek met de partner over alle mogelijke opties is dus geen overbodig luxe. Het vraagt openheid en out of the box denken want het klassieke huisje-tuintje-boompje verhaal lijkt niet meer zo evident. Het is belangrijk om hierbij los te komen van vaste overtuigingen wil je tot een compromis komen. Als de standpunten te ver uiteen liggen kan dit ook het einde van de relatie betekenen. Als je jong bent leg je een hele weg af samen met je partner, je maakt samen keuzes en je bouwt samen een gemeenschappelijke wereld op. Als je na je vijftigste een nieuwe relatie aangaat ligt er veel vast, en dat geef je niet zomaar op. Ook het moment waarop men zich klaar voelt om te gaan samenwonen kan verschillen. Met respect voor elkaars tempo, geschiedenis en behoeften kom je al een heel eind en vinden de meeste koppels  een samenleefvorm waar ze zich beiden goed in voelen.

Voor- en nadelen van een LAT-relatie

Het (gedeeltelijk) alleen wonen heeft o.a. als voordeel dat je vrijer bent in hoe je je dagelijkse leven vorm geeft, dat je veel eigen tijd hebt en dat je zelf beslist wanneer kinderen en kleinkinderen komen, dat je uitnodigt wie je zelf wil, en dat er geen financiële rompslomp is.

Het op en neer rijden, het telkens moeten afspreken met de agenda’s in de hand, het gevoel van eenzaamheid dat de kop opsteekt wanneer je weer eens in een leeg huis thuiskomt en het verlangen naar een intensere verbondenheid zijn factoren die maken dat het latten soms op termijn zwaar begint te wegen en het verlangen naar samenwonen doet groeien.

Samenwonen of (nog) niet ?

Het komt zelden voor dat partners op hetzelfde moment de stap willen zetten naar samenwonen. Meestal is er één partner die er meer aan trekt dan de andere. Veel heeft te maken met hoe je gehecht bent aan je eigen onafhankelijkheid, je eigen huis en hoe sterk je verlangen is naar meer verbondenheid.

Caroline (67) en Rob (71) kennen elkaar iets meer dan een jaar en het is Rob die zijn verlangen om samen te wonen kenbaar maakt. Hij voelt zich goed bij Caroline, hun relatie zit goed en hij voelt dat het afscheid nemen na enkele dagen te zijn samen geweest hem steeds zwaarder valt. Hij voelt zich meer en meer eenzaam in zijn appartement en zou zijn leven graag helemaal delen met Caroline. Hij mist zijn gesprekspartner, de gezelligheid van het samen eten, het gevoel van thuis komen wanneer je weet dat je partner op je wacht, …

Rob nam reeds 2 jaar geleden afscheid van zijn huis en besliste op een serviceflat te gaan wonen in de gemeente waar zijn zoon woont. Hoewel hij het gezellig gemaakt heeft en goede contacten heeft met de buren voelt hij niet echt binding met zijn appartement. Voor Caroline daarentegen is de idee dat ze zou verhuizen nieuw. Ze is nog erg gehecht aan haar huis en heeft behoefte aan nog meer standvastigheid van de relatie vooraleer ze deze beslissing kan nemen. Ze verlangt er ook naar om op termijn samen te wonen en samen een nieuw appartement te huren of te kopen, alleen nu nog niet. Ze beslissen om het nog wat tijd te geven. Ondertussen kijken ze wel al wat rond naar mogelijkheden.

 

Ann (61) woont al heel haar leven in haar geboortedorp. Ook haar ouders en alle broers en zussen wonen in de buurt. Van kinds af zag ze hoe haar vader zich engageerde in allerlei verenigingen en waren ze als gezin heel betrokken op de gemeenschap. Ann is zelf ook heel sociaal en al jaren actief bestuurslid van een vereniging. Ze houdt ervan om ‘leven’ in de gemeente te brengen en nieuwkomers te betrekken in het dorpsgebeuren. Ann wil voor geen geld weg uit haar dorp. Haar hele familiale en sociale leven speelt zich hier al heel haar leven af. Wie ze is, wat ze belangrijk vindt is sterk verweven met haar sociale context en dat wil ze niet zomaar opgeven. Verhuizen is voor haar dan ook geen optie.

Wanneer je dertig bent integreer je je nog snel in een nieuwe omgeving. Je leert andere ouders kennen aan de schoolpoort, je wordt lid van een vereniging of een sport- of hobbyclub waar je nieuwe vrienden en kennissen maakt. Na je vijftigste kan dit natuurlijk ook nog, maar het is minder evident. Je sociaal netwerk is dan gevormd en al die banden geef je op latere leeftijd niet zomaar op. Ook wanneer eigen kinderen en kleinkinderen in de buurt wonen kan dit een reden zijn waarom men liefst in de eigen omgeving blijft wonen.

Robert (63) heeft in Linda (64) zijn nieuwe liefde gevonden. Ze denken eraan om samen te wonen maar Robert is niet van plan om zijn eigen woning op te geven. Tijdens zijn jarenlange vechtscheiding is hij noodgedwongen enkele jaren bij zijn ouders gaan inwonen. Met veel moeite heeft hij opnieuw een appartement gekocht en die zekerheid wil hij behouden. Hij wil te allen tijde kunnen terugkeren naar zijn woning als er iets zou mislopen. Hij wil niet het risico lopen dat hij op zijn zeventigste opnieuw iets moet gaan zoeken en moet verhuizen. Uiteindelijk vinden ze een compromis. Linda besluit haar appartement te verhuren en trekt in bij Robert.  Ze geven samen het appartement een frisse look en een herinrichting met beider meubels en spullen maken dat ook Linda zich snel thuis kan voelen.

Het behouden van onafhankelijkheid en de angst opnieuw te verliezen zijn vaak een motivatie om het bij een LAT-relatie te houden. Zeker wanneer men veel tijd, geld en moeite heeft gestoken in het huis en het ook het huis is waar de kinderen zijn opgegroeid en waar veel herinneringen aan verbonden zijn geeft men dit niet graag op.

Haast en spoed is zelden goed

Els (55) en Wim (57) zijn 2 jaar samen. Ze leerden elkaar kennen op vakantie. De grote afstand tussen hun woonplaatsen ervoeren ze al snel als een struikelblok en het verlangen om samen te wonen was bij beiden aanwezig. Els woonde vlak bij de stad en voelde zich erg aangetrokken door het huis van Wim dat midden in de natuur in Wallonië gelegen is. Gezien zij voornamelijk van thuis uit werkt was er op dat vlak ook geen probleem. Els heeft erg moeten knokken om haar huis na de scheiding te kunnen behouden. Gezien de goede ligging is de waarde van het huis erg gestegen. Na 6 maanden besluit ze het voor een ‘zotte’ prijs te koop te zetten. Na 2 weken was er een koper bereid deze prijs te betalen. Het was even schrikken maar Els besluit haar huis te verkopen want deze kans zou ze naar haar gevoel niet meer krijgen. Ze trekt in bij Wim.

Nu, anderhalf jaar later heeft Els spijt van haar beslissing. Ze voelt zich enorm eenzaam in haar nieuwe omgeving. Ze mist haar vrienden en haar kinderen die op kot zitten en voelt zich schuldig t.o.v. hen dat ze in het weekend niet meer naar hun (t)huis kunnen komen. Ook het samen inrichten van de woning loopt moeilijk. Wim is erg gehecht aan zijn meubels en spullen en kan er moeilijk afstand van doen. Els heeft een heel andere smaak en lukt er niet in om een thuis gevoel te creëren. Bovendien mist ze een eigen ruimte waar ze ongestoord met haar keramiek kan bezig zijn. Ook het financiële (wie betaalt wat) is vaak een issue. De discussies wegen op de relatie en leiden uiteindelijk tot een breuk.

Als één partner intrekt bij de andere is er in het begin meestal een zeker gevoel van ongelijkheid. Het vraagt tijd om zich aan te passen aan de woning, terwijl de andere partner er al jaren thuis is. Sommige koppels kiezen ervoor om samen een nieuwe start te nemen in een nieuwe woonst.

Het is een mythe te denken dat het zich allemaal wel vanzelf zal uitwijzen. Om onaangename verrassingen te vermijden worden heel wat praktische en minder praktische zaken best op voorhand duidelijk besproken: Hoe worden de ruimtes ingericht ? Welke meubels worden behouden, welk niet ? Is er ruimte om kinderen en kleinkinderen te ontvangen ? Hoe worden verjaardagen en feestdagen vorm gegeven ? Welke huisregels zijn belangrijk ? Welke financiële afspraken worden er gemaakt ? …

 

Ilse Reynders

Related posts

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *